Zelfzorg.

Ik merkte twee jaar geleden dat mijn kleding zich op een wat glijdende schaal bevond. Omlaag glijdend, wel te verstaan. Dat kwam op zijn beurt omdat ik me niet op mijn gemak voelde in mijn lijf.
Drie jaar geleden was ik zeven kilo zwaarder dan nu -mede dankzij constant honger door borstvoeding geven- en dat voelde niet goed. Ik was niet zwaar ontevreden maar voelde me niet zo goed als ik me kon voelen.

Langzaamaan verloor ik die kilo’s. En in plaats van leggings met tunieken, draag ik weer jurken en rokken. In plaats van praktische achter-de-kinderwagen-door-de-modderschoenen draag ik weer hoge laarzen met hakken.

Voor alles is een tijd en plaats. Maar toch denk ik dat het belangrijk is om te zorgen dat je je zo goed mogelijk voelt over jezelf. Daarom ben ik zwaar fan van de ’10 item wardrobe’. Het dwingt je na te denken over wat je koopt en in je kast legt, over veelzijdigheid en combineerbaarheid zodat je niet elke dag in de zelfde legging met hetzelfde lange vest en de zelfde tuniek loopt. Op de zelfde achter-de-kinderwagen-door-de-modderschoenen.

Natuurlijk draag je op je eigen zelfvoorzienende boerderij geen satijnen jurk en mest je geen stallen uit met een lange rok. Je gaat er ook niet mee fietsen. Maar je hoeft niet bij alles wat je doet, je oude rommel aan te trekken.
Als je ‘alleen maar je kinderen van school haalt’ is er volgens mij geen reden om jezelf niet zo netjes mogelijk aan te kleden. Tuinieren kan net zo goed in een jurk als in een broek. Het hoofddoel is jezelf goed voelen. Over jezelf.

We voelen ons allemaal mooier als we extra moeite doen voor onszelf. Ons haar netjes in model, een verzorgd gezicht en kleding die flatteert.
Of het nu een spijkerbroek met een t-shirt is of een ingewikkelde jurk en hoge hakken, het moet niet te strak of te wijd zijn, opkruipen, afzakken, irriteren, knellen, ons lelijker maken, gelaatskleur grauw maken, minpunten benadrukken of andere nare dingen doen.

Ik vind niet dat elke vrouw in een jurk moet lopen, excuus als ik die indruk wekte. Ik weet dat ik me er veel beter in voel maar ken genoeg vrouwen die zich vreselijk opgeprikt en ongemakkelijk voelen in een jurk en dat maakt niemand knapper. Aandacht geven aan jezelf wel.

Het leven met kinderen -een, of vier, of acht- is altijd druk. Maar jezelf helemaal achteraan zetten qua prioriteiten, is zo zonde van de vrouw die je nu bent. Ja, de volgende generatie opvoeden is naar mijn idee belangrijker dan de nukken en wensen van de huidige generatie maar een moeder die zich de beste versie van zichzelf maakt, is goed voor het hele gezin.

Goede verzorging is netter dan een jurk van honderden euro’s. Schone en hele kleding netter dan een designspijkerbroek vol gaten.

Het is fijn voor jezelf om je goed te voelen. Ik krijg veel meer gedaan als ik ’s morgens vroeg gewassen, opgemaakt en aangekleed aan het ontbijt zit dan wanneer ik om twaalf uur nog in mijn vuil loop, met mascara van gisteren inmiddels op mijn kin.
Maar: of je nu een jurk en een panty aantrekt, of een versleten legging met een t-shirt, je aankleden is evenveel werk! Je haar kammen, mascara en een beetje lipgloss opdoen en wat crème smeren kost welgeteld 2 minuten van je tijd maar het is een verschil van dag en nacht. En het mooie is, als je er goed uitziet, ben je ook veel minder geneigd tot rondhangen en rommel eten. Ik wel, in elk geval.

Het is een goed voorbeeld voor je kinderen. Ze leren zo dat ze het waard zijn om moeite voor te doen, want jij doet dat ook voor jezelf. Het is fijn voor je man partner en dus voor je relatie.

‘Don’t rely on your natural beauty‘ zeiden Trinny en Susannah. Gelijk hebben ze.

Als je jezelf niet voorop zet qua prioriteiten, eindig je achteraan. Op je eigen lijstje nog wel. Want er is altijd iets ‘belangrijker’.

Enerzijds boeit het bijna niemand hoe je eruit ziet. Anderzijds: je hebt wel een publiek. Mensen kijken wel naar je. En bewust of onbewust, vinden ze iets van je.
Of je laat zien dat het je ook allemaal niet zo interesseert, of dat je een hogere standaard hebt. Mensen behandelen je grotendeels zoals je jezelf presenteert.

Pasgeleden was het warm en heel Noorwegen -på landet- verruilt dan lange sportkleding voor korte 45f09460c1285e626a6daa7524e3afd6sportkleding.
Bij een bushalte stond een vrouw (Braziliaans ofzo) en ze droeg een rechte knielange zwarte rok en een witte blouse met driekwart mouwen en platte schoenen. Zo simpel, maar ze stak overal bovenuit met haar verschijning en dat maakte me blij.

Als we een foto van de jaren vijftig zien met mannen en vrouwen in mooie pakken en sierlijke jurken, dat maakt toch vrolijker dan het straatbeeld anno nu. Mensen leken meer waardigheid en zelfrespect te hebben. Leken? 😉

Waarmee ik maar wil zeggen: hoe dan ook, ben je het ook waard om tijd en geld aan uit te geven, om er goed uit te zien in wat je graag draagt.
Om goed eten in je lichaam te stoppen, in plaats van rotzooi die je denkt lekker te vinden maar waar je je later slecht door voelt.  Om jezelf te verzorgen. Maak jezelf een prioriteit. Je kan het beter voor jezelf claimen, dan het slachtoffer zijn van je eigen onbaatzuchtigheid.

One scarf to rule them all…

81KCtnEKpTL._UY445_Ja, ik ben fan van het hebben van ‘een’. Een aardappelschilmes. Een dekbedhoes (al jaren). Een outdoorjas. Een paar winterlaarzen. Een ring. Een man (al 20 jaar, dit jaar). Een handtas. Je snapt het wel.

Maar een sjaal, die had ik nog niet. Ik had meerdere sjaals want ik draag in de winter bijna altijd een sjaal. Want Noorse winter = koud maar ik heb geen zin om mezelf in pakken in dikke, oncharmante truien en dan is een sjaal rond de nek een fijn alternatief.

Maar hoe vind je een goede sjaal? Een dunnere en warme sjaal is synthetisch en gaat zweten, zelfs al is het min tien. Het gevoel van een berg op wandelen en het warm krijgen en afkoelen met iets al te synthetisch rond je lijf is… nah, niet fijn.

En dan is er nog het vreselijke statische gevoel van zulk spul zeker bij droger weer. Ieuw.
Met die synthetische dingen word je nog kouder dan je was en dat was al niet warm. Een wollen sjaal is ‘bulky’. Grof en groot en als het tegenzit, prikt ie nog ook.

Er zijn merinowollen exemplaren hier te koop maar die zijn vaak te ‘sportief’. Als mijn kleren iets niet moeten uitstralen, is het dat ik graag beweeg.
Ik word met opgetrokken wenkbrauwen aangekeken omdat ik midden in de winter met een rok, panty en nette jas het bos in ga (maar wel met kaplaarzen) maar ik zie het punt niet van outdoorkleding als ik geen dagen door weer, wind en minusgraden ga huthoppen.’t Is echt niet nodig.

Hm. Wat dan. Wel, het oude beproefde ‘geld tegen je probleem aangooien’ werkt perfect. In het geval van kasjmier dan. Ja, des te minder spullen ik heb, des te kieskeuriger ik word.

Kasjmier of kasjmir is een type wol afkomstig van de Kasjmirgeit. De wol is genoemd naar het gebied Kasjmir in India, Pakistan en China. Uit dit gebied komen de oorspronkelijke geitenrassen.

De Kasjmirwol is een fijne en zeer zachte, soepele vezel, 19 tot onder 12 µm. Ze wordt traditioneel gewonnen door de ondervacht van de geit te kammen, maar in de moderne bedrijven worden de geiten geschoren. De hoogste kwaliteit Kasjmier is afkomstig van de nek en kin van de geit. De geiten hebben de kleuren wit, grijs, bruin en zwart. De gewenste fijne vezels zitten alleen in de ondervacht.

Als gevolg van de fijne vezels hebben artikelen van Kasjmirwol zeer goede warmte-isolerende eigenschappen bij een laag gewicht. (bron: wikipedia)

Uiteindelijk kocht ik een omslagdoek / sjaal / wrap bij Italy in Cashmere. Gemaakt in Italië, geheel van Europese materialen. Zelfs de verpakking is gemaakt in Europa.

En, is het wat?

Ja, het is het fijnste accessoire ooit. Samen met mijn handtas maar die houdt mijn nek niet warm. De sjaal (wrap) is gemaakt van heel zacht materiaal, het weegt ‘niets’, het is heel klein op te vouwen, veelzijdig en ruikt niet geit. Het is simpel gebreid. Geen patroontjes, geen moeilijke dingen. Je kan hem op 400 manieren om doen.

Ik kan buiten zitten op een koele avond met een shirt met lange mouwen en alleen deze wrap om en dan heb ik het aangenaam. Ik kan hem gebruiken als sjaal en dan krijg ik het niet koud op de koudste dag.
Ik kan hem op een frisse avond over mijn benen leggen op de bank en dan is het warm. Ik zou hem als extra laagje in bed kunnen gebruiken op koude winternachten en het warmer hebben dan met de wollen deken over het dekbed.

Ik weet dat er genoeg mensen zijn die denken: belachelijk, mijn sjaal van de hema / kringloop / whatever houdt mijn nek ook warm’ en dat is ook zo. En een deken houdt mijn bed warm, een trui houdt me warm om zomeravonden (de warmte blijft zelden hangen zoals in Nederland).

Maar een sjaal gebruik ik het hele jaar door. Op koude winterdagen tot afkoelende zomeravonden. Ik wilde iets wolligs, zodat het niet warm, klam en vervolgens koud aanvoelt zoals katoen of polyestr. Iets dat gemaakt is in Europa. Iets waar ik hopelijk minstens tien jaar mee doe en dat daarna kan worden gerecycled. Iets zonder microvezels en kinderarbeid. Iets van zuiver materiaal. Iets dat piepklein op te vouwen is. Iets zwaar multifunctioneels, ik houd van dingen die multifunctioneel zijn. Deze sjaal maakt me gewoon blij als ik hem ’s ochtends om doe.

Iets kopen dat niet helemaal naar je zin is, is doorgaans zonde van je geld. Misschien niet in de aanschaf maar wel op de lange termijn. Liever een sjaal van 150 euro die je +600 keer met plezier gebruikt dan een van 15 die je 30 keer gebruikt terwijl je je er eigenlijk aan ergert en vervolgens weg doet. (om weer zo’n exemplaar te kopen)

De komende jaren zal ik hopelijk geen geld meer uitgeven aan een sjaal en zelfs een extra vest is met deze sjaal / wrap vaak overbodig.

Als je ook een sjaal of wrap wil bestellen, met de code DISCOUNT15 krijg je 15% korting. En nee, ik krijg er niets voor of je dat wel of niet doet maar in het begeleidende briefje stond dat ik deze code kon delen met vrienden of familie. De meesten van jullie zijn geen van beide, maar ik denk niet dat ze het erg vinden op een sjaal extra te verkopen, dus bij deze 😉

Bedekkende badkleding.

Misschien was het nog niet duidelijk, maar ik ben niet echt een zomertype. Ja, ik houd zoals iedereen van buiten ontbijten, buiten koffie drinken, buiten avondeten en zwem graag in zee, vind avondwandelingen heerlijk, geniet van alle bloemen en beestjes en het leven en het gemak van zonder vijftig kledingstukken extra naar buiten gaan maar mei en september vind ik fijner dan wat er tussen zit.

Oh ja, badkleding. Ik heb een lichte zware zwembadfobie want ik vind dat zo gruwelijk goor maar zwemmen in zee of een rivier of meer vind ik heerlijk. Twee weken geleden maakte ik de eerste duik hier in zee. Een record, qua vroegte. Terwijl een dag ervoor de ijsschotsen nog voorbij gedreven kwamen. Het was zalig. Maar rondlopen in een bikini drukt de pret voor mij nogal. Ik voel me er vreselijk in.

En nee, ik vind niet dat ik mijn lijf moet verbergen omdat het niet goed genoeg is -ik ben er zeer tevreden mee- maar ik vind het niets om het aan Jan en Alleman te laten zien. Al is het in theorie, want ik zwem doorgaans hier voor de deur en behalve de buren zijn er in de naaste omgeving geen kijkers. Maar toch.

Ik houd van lange kousen, zwart kant en niemendalletjes maar dat is privé. Net zoals mijn bovenste bovenbenen, buik, decolleté en derrière. En ik vind niet dat de aanwezigheid van water dat opeens verandert.
18374983-4eD1s4WnIk vind het ook niet nodig. Als ik in de zomer buitenshuis ga, trek ik een lange rok en een shirtje of blouse met mouwen aan, gewoon omdat ik dat beschaafder vind dan een overdaad aan… huid.
Of misschien als een tegenreactie op de overdaad aan onbedekt vlees op warme dagen, ik vind dat vreselijk. Lang leve de jaren dertig, wat dat betreft 😉

Alsof je het in een ultrakort en strak broekje en een spaghettihemdje frisser hebt dan in een zwierige zomerjurk die je bovenarmen en -benen netjes bedekt… In tegendeel, denk ik.

Dus daarom heb ik een soort korte zwemjurk. Dat klinkt wel heel erg boerkini, maar het valt mee. Hij komt van bonprix en blijft keurig. Ik voel me er een stuk eleganter in dan in een weinig aan de verbeelding over latende bikini. In het dagelijks leven draag ik nagenoeg altijd een jurk of rok, hoe leuk is het dan om dat zelfs onder water vol te kunnen houden 🙂

 

 

 

Een natuurlijk middel tegen roos.

Mijn dochter had -ik denk door het chloor van schoolzwemmen- opeens een kop vol roos. Ik moest haar haar echt zo kammen dat het niet op viel, dus ik ging ik op zoek naar een goed middel en had uiteraard geen zin om 18 euro te betalen voor een biologische anti-roos shampoo.

De man had hier vroeger ook last van en gebruikte antiroosshampoos. Het verdween echter als sneeuw voor de zon toen hij stopte met gel en antiroosshampoo.
Eerst gebruikte hij nog gel van Logona, nu helemaal niets meer. Zijn haar zit al 27 jaar lang in een staart achterop zijn hoofd en kan niet eens meer iets anders.

De shampoo die we gebruiken is altijd biologisch, Urtekram, roggebloem of gewoon calundula handafwasmiddel van Sonnet en nee, daar wordt je haar (wel, ons haar) niet stug, touw of weerbarstig van. Wassen doen we eenmaal per week.

Anti-roos shampoo is meer een symptoombestrijding van een goed middel tegen roos wan als je stopt met het gebruik ervan, komt het net zo hard of harder weer terug. Ja, lekker nuttig dan.

Natuurlijk recept tegen roos:

Ik nam een afsluitbare drinkbeker en vulde die voor de helft met lauwwarm water. Hierin deed ik een flinke theelepel honing.

Honing is natuurlijk antibioticum en werkt schimmelwerend. Ook deed ik er een druppel teatree-olie en een druppel pepermuntolie bij. Teatree is ook anti-bacterieel en pepermuntolie heeft onder meer een anti-allergene werking. Pepermuntolie is te sterk voor kleine kinderen, maar de slungel is bijna elf en kan dus wel wat hebben.

Even goed schudden. Vervolgens waste ze haar haar met alleen water, maar masseerde ze haar hoofdhuid goed. Vervolgens ‘waste’ ze haar haar met het honing/olie/watermengsel, spoelde het uit en herhaalde het. De dag erna had ze nog wel roos, maar het zat meer in haar haar dan op haar hoofdhuid. De dag daarna was het praktisch weg.

Het is wel belangrijk om het in een of twee keer op te gebruiken en daarna nieuw te maken. En ik weet niet of het bij iedereen zo snel werkt, het kan zijn dat je het een aantal keren moet herhalen.

Dus toen kwam mijn vader. Die kan ook nergens tegen wat zeep en dergelijke betreft maar tegenwoordig kan hij wel beter tegen mij dus of ik iets wist tegen de jeuk op zijn hoofd. Voor hem gebruikte ik bijna hetzelfde, maar in plaats van tea tree, gebruikte ik kamille olie.

Kamille is ontstekingsremmend, kalmerend en helend. Het is ‘troostend en geschikt voor mensen die angstig of prikkelbaar zijn. Ook bij hem verdween de jeuk als sneeuw voor de zon.

Gebruik hiervoor verantwoorde honing en goede etherische olie van liefst biologische kwaliteit.

Het recept tegen roos:

  • Een kop lauwwarm water
  • Een flinke theelepel honing, het liefst van goede kwaliteit
  • Een druppel etherische teatree olie (of etherische kamille-olie)
  • Een druppel pepermuntolie
  • Schudden
  • Haar ermee ‘wasssen’
  • Uitspoelen
  • Indien nodig, herhalen

En oh ja, ik zeg niet dat het bij iedereen werkt. Ik vertel alleen wat bij mijn dochter en vader perfect hielp tegen roos en een geïrriteerde hoofdhuid omdat het een goedkoop en niet chemisch alternatief is voor allerlei troep. Althans, het is goedkoop als je zoals ik deze oliën gewoon hebt staan maar al heb je dat niet, dan nog zijn het wat mij betreft handige investeringen omdat ze zo veel andere doelen hebben. Zo is pepermunt onder meer goed voor de spijsvertering en tegen misselijkheid en in zelfgemaakte tandpasta en kamille is rustgevend en verminderd angst als je het in een verdamper gebruikt. Teatree is ideaal in een zalf of met gemengd met kokosolie tegen koortslip en tegen puistjes.

Baat het niet, dan schaadt het echt niet in dit geval.

 

Gratis onderhoud.

woman inside basin
Foto door Gerry Roxby op Pexels.com

Als je het grootste dag van de dag de moeder loopt uit te hangen, schiet voor jezelf zorgen er soms wel eens een beetje bij in. Als ze meer dan twee weken in de lappenmand liggen en vervolgens met zijn vieren een week vakantie hebben terwijl ze nog niet zonder pardon de hele dag naar buiten geschopt gestuurd kunnen worden dan pfoe.
Het is niet dat het een chaos is, of heel druk. Maar het is wel van alles en heel de dag door. Gezellig, maar druk.

Liggen ze eindelijk op bed en heb ik ze ingestopt is het negen uur want de oudsten gaan niet meer om half negen naar bed. Zelfs de derde vind de gewone bedtijd (acht uur) veel te vroeg. En dan heb ik doorgaans geen zin om uitgebreid te douchen, mijn benen te epileren, een masker op mijn hoofd te smeren of mijn nagels te lakken. Liever neem ik een glas wijn en kijk een film met de man. Natuurlijk wordt het dan minimaal twaalf uur terwijl echt de wekker weer gaat om half zeven de volgende dag. Net zes uur slapen is ook niet heel bevorderlijk.

En dat gaat een tijdje prima, tot ik opeens schrik als ik voorbij een spiegel loop. Wasda op mijn hoofd? Oh, haar. Tja… Of mijn handen van dichtbij bekijk. Verveloos en iets te veel sporen van aarde en sop maar niet van een cremetje of überhaupt van aandacht die verder gaat dan wassen en drogen.

Extra aandacht maakt dingen mooier

Dat is niet goed. Een heel klein beetje extra aandacht zorgt er namelijk voor dat ik me veel beter voel weer.
Het meeste is niet meer dan een extra routine en kost amper tijd. Even wat extra tijd voor voeten, masker (een heel klein beetje honing of kaolin klei met water, scrub (suiker of koffiedrab), m’n handen zacht maken en insmeren met Burts Bees handcrème. Zo nu en dan een kleurtje op mijn -netjes geveilde- nagels.  Wenkbrauwen bijplukken.

Voor niks. En een sneeuwbaleffect.

Het kost allemaal niets, of bijna niets. Alleen wat moeite en tijd maar het plezier is groot. En op een of andere manier werkt dat ook weer door naar de rest van de dingen die ik doe. Ik kijk weinig scherm ’s avonds en ga op tijd naar bed. Ik drink overdag veel water, want dat heeft zo’n positief effect op mijn gezicht en algehele welbevinden. Ik smeer trouw dagcrème met zonbeschermingsfactor ondanks dat er al een week nergens zon te zien is en pas op met wat ik eet: vooral vers en niet te veel.

Meer doen van wat je blij maakt: altijd een goed idee. Het idee dat het overbodig is, of ijdelheid is om jezelf een beetje mooier te maken is een irritante puriteinse opvatting waar je zo snel mogelijk korte metten mee moet maken. Het liefst door middel van een goed boek, een glas wijn of thee, donkere chocola en een relaxed achtergronddeuntje  dat je in een stemming brengt waarin je weet dat het leven niet gemaakt is om af te zien om het afzien maar om zo veel mogelijk te genieten van kleine, fijne dingen.

Huidverzorging: een.

Een lange tijd heb ik mijn hoofd prima kunnen onderhouden met walnootolie. Ik gebruikte voor mijn vel, op make-up af te halen met de oil-cleansing methode en om te smeren.

Deze zomer, deze hele lange hete zonnige zomer, had mijn gezichtshuid echt veel te verdragen gehad. Vlekjes, meer lijnen en gewoon: ik had meer het gelaat van een Schiermonnikoogse strandjutter dan van een vrouw van zesendertig. Sindsdien gebruik ik een restaurerende nachtcrème en dagcrème met zonbeschermingsfactor en dat scheelt aanzienlijk.

Verder houd ik mijn make-up redelijk minimaal. Ik heb lichte wimpers en bijna onzichtbare wenkbrauwen, dus die teken ik bij. Ik gebruik een lichte oogschaduw, een beetje eyeliner en een lippenbalsem met een beetje kleur erin, om mijn hoofd net iets meer uitstraling te geven. Maar meer dan dat hoeft nu niet.

Ik houd het bij een van alles. Dat klinkt saai en dat is het ook maar dat is het niet. Als je maar een product gebruikt, ga je er snel doorheen en koop je als het op is weer iets anders. Bovendien is de houdbaarheid van zulke producten beperkt. Ik ben daar nooit zo moeilijk in, maar met dingen die ik rond mijn ogen en op mijn gezicht smeer, wel dus meer open maken dan je in een half jaar opgebruikt, is sowieso zonde.